Giel van Dam: “Ik had geen cent te makken, maar wél een community en een doel”
Fair Capital Partners werkt voor zeer diverse klanten. Wat hen verbindt is niet hun achtergrond of vermogen, maar hun bewuste keuze om hun geld in te zetten voor positieve maatschappelijke impact. Iedere klant heeft daarin een eigen motivatie. Zo zet Giel van Dam zich al jaren in voor zijn idealen. Die betrokkenheid vertaalt zich niet alleen in de tijd en energie die hij investeert in maatschappelijke initiatieven, maar ook in de manier waarop hij zijn vermogen laat werken.
Giel ontvangt ons in zijn huis in Utrecht. Het ligt midden in het centrum – vlak achter de Neude – maar je merkt er niets van de drukte van de stad. Het huis hebben hij en zijn vrouw Karen laten verbouwen toen hun drie (pleeg)kinderen het huis verlieten. Ze verhuren nu de bovenste verdieping.
“Ik voel me wel eens schuldig dat wij zo veel hebben. Nu we al deze ruimte zelf niet meer nodig hebben, kunnen we anderen helpen die op zoek zijn naar woonruimte”, zegt Giel.
Hij vervolgt: “Ik heb dertig jaar een goedlopend theaterimpresariaat gehad en een erfenis ontvangen. Daardoor hebben we het nu heel goed. Maar het geld is er niet altijd in overvloed geweest. Mijn vader werkte in de fabriek van mijn grootvader in Helmond, een sociaal bedrijf waar goed werd gezorgd voor de werknemers. Het was de bedoeling dat het familiebedrijf zou worden voortgezet, maar mijn vader overleed eerder dan mijn grootvader. Ik was toen elf jaar oud.
Thuis leefden we in weelde, maar toen ik op mijn zestiende uit huis ging, ontving ik een vast bedrag vanuit het wezenpensioen. Dat was genoeg om van rond te kunnen komen, maar verder ook niet.”
Strijd tegen apartheid
In Eindhoven ontwikkelde Giel zijn maatschappelijke bevlogenheid, die de rode draad in zijn leven bleef.
“Ik kwam in contact met het Komitee Zuidelijk Afrika, dat zich tussen 1961 en 1997 inzette voor de anti-apartheidsbeweging en de bevrijdingsstrijd in zuidelijk Afrika. Met onze acties droegen we bij aan de internationale druk die uiteindelijk leidde tot de afschaffing van de apartheid in 1994 en de eerste vrije verkiezingen”, vertelt hij.
“Ik woonde samen met drie anderen in het actiehuis, de plek waar alles gebeurde. Ik had geen cent te makken, maar wél een community en een doel.”
Ondertussen maakte Giel in Eindhoven zijn HTS af en deed een stage aan de Technische Hogeschool Eindhoven op het gebied van windmolentechniek. Hiermee werd zijn interesse voor het klimaat gewekt.
Ook kwam hij in contact met theatergroep Proloog. Die bracht educatief en politiek geëngageerd theater dat vaak werd ontwikkeld in nauwe samenwerking met specifieke doelgroepen, zoals jongeren, arbeiders, vrouwen en actiegroepen. Dat legde de basis voor het latere werk van Giel als theaterimpresario.
Van jongerenwerker tot theaterimpresario
Giel volgde daarna de opleiding tot vormingswerker aan Academie De Horst in Driebergen. Daar leerde hij zijn vrouw Karen kennen. Enkele jaren werkte hij als jongerenwerker in Amersfoort. Toen de koers van de overheid veranderde, kon Giel zich er echter niet meer in vinden en nam ontslag.
Op een dag kwam hij Piet tegen, die hij nog kende van theater RASA, waar hij politieke festivals organiseerde, en die een circusact had.
“Jij kunt toch goed organiseren?” zei Piet. “Kun je niet iets voor mij regelen?”
Die activiteit breidde zich uit tot een goedlopend theaterimpresariaat.
Toen zijn grootmoeder aan moederskant overleed, ontving Giel een deel van de erfenis.
“Mijn moeder besloot haar kinderen te laten wennen aan het bezit van vermogen. Daarom schonk ze ons in eerste instantie kleinere bedragen. Door mijn goedlopende bedrijf en de erfenis van mijn grootmoeder kon ik de mensen en theatergroepen waarvoor ik bemiddelde heel bewust kiezen. Mijn financiële vrijheid kwam zo uiteindelijk iedereen ten goede.”
Dertig jaar lang runde Giel dit impresariaat, waar hij ruim 100 groepen aan zich verbond.
“Ik had twee bedrijven: Theaterbureau Giel van Dam, dat zich richtte op allerlei vormen van theater, en Theaterbureau Spot, dat zich specialiseerde in theater om natuur- en milieu-educatie te bevorderen. Die goededoelentak vond ik minstens zo belangrijk en kon ik doen doordat de andere tak goed liep.”
Grote zorg om het klimaat
Na het overlijden van zijn moeder kreeg Giel de rest van de erfenis. Die zette hij op een rekening bij ASN Bank, waardoor hij in contact kwam met ASN Vermogensbeheer. Toen ASN Vermogensbeheer het zelfstandige Fair Capital Partners werd, bleef hij klant.
“Je ziet tegenwoordig veel reclame van bedrijven die zeggen dat ze duurzaam beleggen, maar Fair Capital Partners doet het echt”, zegt hij. “De missie staat centraal. Daarom ben ik ook lid van de klantenraad.”
Voor Giel is zijn grote zorg om het klimaat de belangrijkste reden om duurzaam te beleggen. Dat is voor Fair Capital Partners – naast mensenrechten en biodiversiteit – een hoofdthema.
“Ze doen geen concessies, denken op de lange termijn en hebben een voortrekkersrol. Dat laatste vind ik heel belangrijk. Daarom moet Fair Capital Partners in stand blijven. Ook als dat soms tijdelijk ten koste gaat van het rendement. Maar meestal genereren mijn beleggingen geld en kan ik dankzij mijn rendement schenken aan goede doelen.”
Het economische systeem veranderen
Tegelijkertijd denkt Giel kritisch over de rol die Fair Capital Partners kan spelen om het economische systeem te veranderen.
“Door te beleggen in bedrijven – hoe duurzaam ze ook zijn – is er ook een negatieve impact”, zegt hij. “Dat is inherent aan het huidige bedrijfsleven.”
Juist daarom interesseert hij zich voor nieuwe organisatievormen, zoals steward ownership. Daarbij ligt de zeggenschap over een bedrijf niet bij aandeelhouders die primair gericht zijn op winst, maar bij ‘stewards’: rentmeesters die het bedrijf beheren in het belang van de missie op de lange termijn. Winst is daarbij geen doel op zich, maar een middel om continuïteit en maatschappelijke waarde te waarborgen.
“Dat spreekt me aan”, zegt Giel, “omdat het eigenaarschap en verantwoordelijkheid scheidt van winstmaximalisatie.”
Sinds zijn pensioen in 2017 zit Giel niet stil. Hij is actief lid van GroenLinks in Utrecht, betrokken bij Extinction Rebellion en staat inmiddels sinds juli '25 elke ochtend een uur op het Neude te protesteren tegen de oorlog in Gaza.
“Ik doe wat ik kan”, zegt hij. “Ook al vind ik het economische systeem ingewikkeld, ik weet zeker dat mijn vermogen niet in kinderarbeid of wapens zit. Dat kun je bij veel andere vermogensbeheerders niet zeggen.”